Statuten van de WVO

STATUTEN

 Artikel 1 : Naam

De vereniging draagt de naam: WATERSPORTVERENIGING “OUDEWATER”.

Zij is opgericht op 21 november 1979 en aangegaan voor onbepaalde tijd.

 Artikel 2 : Zetel

Zij heeft haar zetel te Oudewater.

 Artikel 3 : Doel

  1. De vereniging stelt zich ten doel de beoefening en de bevordering van de watersport.
  2. Zij tracht dit doel te bereiken door:
    1. Beleggen van vergaderingen, bijeenkomsten, cursussen en lezingen;
    2. Organiseren van wedstrijden en tochten;
    3. Aanbrengen en in stand houden van de nodige accommodatie;
    4. Samenwerken met andere verenigingen, die hetzelfde of nagenoeg hetzelfde doel nastreven;
    5. Andere activiteiten en middelen die aan het doel bevorderlijk kunnen zijn.

Artikel 4 : Leden

  1. Leden van de vereniging kunnen zijn personen, die de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt.
  2. Het bestuur houdt een register bij waarin namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.

 Artikel 5 : Ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers

  1. Ereleden zijn leden, die op voordracht van het bestuur of de algemene vergadering als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd wegens hun verdiensten voor de vereniging of zich ten opzichte van het doel, dat de vereniging nastreeft bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt.
  2. Als buitengewone leden kunnen worden toegelaten personen die niet voldoen aan het gestelde artikel 4 lid 1.
  3. Aspirant-leden zijn personen, die aan de activiteiten van de vereniging deelnemen, doch nog niet de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt.
  4. Begunstigers zijn zij, die zich bereid verklaard hebben, de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimum bijdrage.
  5. Ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die, die hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.

 Artikel 6 : Toelating

  1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers.
  2. Bij niet-toelating als lid, buitengewoon lid of aspirant-lid kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  3. Bij haar beslissing omtrent toelating als lid, buitengewoon lid, aspirant-lid of begunstiger kan het bestuur zich laten bijstaan door een commissie als omschreven in artikel 14 lid 3.

 Artikel 7 : Einde van het lidmaatschap

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. Door overlijden van het lid;
    2. Door opzegging door het lid;
    3. Door opzegging namens de vereniging. Deze opzegging kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten van het lidmaatschap, bij de statuten gesteld, te voldoen of wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt; alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
    4. Door ontzetting. Deze ontzetting kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
    5. Opzegging van het lidmaatschap door een lid geschiedt schriftelijk aan de secretaris; opzegging namens de vereniging geschiedt per aangetekende brief.
    6. Opzegging van het lidmaatschap kan te allen tijde geschieden met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier werken. Echter, het lidmaatschap kan onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
    7. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit, waarbij de geldelijke verplichtingen van de leden zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.
    8. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door de algemene vergadering.

Betrokkene wordt van een besluit tot ontzetting bij aangetekende brief in kennis gesteld.

  1. Tegen een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Het betrokken lid wordt daartoe ten spoedigste in kennis gesteld van het besluit; dit met opgave van redenen.

Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.

  1. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

 Artikel 8 : Einde van de rechten en verplichtingen van buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers.

  1. De rechten en verplichtingen van een buitengewoon lid, van een aspirant-lid en van een begunstiger kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd; behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar in het geheel blijft verschuldigd.
  2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur

 Artikel 9 : Jaarlijkse bijdragen

  1. De leden, de buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de algemene vergadering wordt vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende bijdrage betalen.
  2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van de bijdrage te verlenen.

 Artikel 10 : Rechten van ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers

  1. Behalve de overige rechten die aan buitengewone leden of begunstigers bij of krachtens deze statuten worden toegekend, hebben buitengewone en aspirant-leden het recht de door de vereniging georganiseerde wedstrijden, cursussen en andere evenementen bij te wonen.
  2. Ereleden hebben het recht alle algemene vergadering van de vereniging bij te wonen en daarin het woord te voeren, maar zij kunnen als zodanig geen stemrecht uitoefenen. Ereleden kunnen tevens gewoon lid zijn van de vereniging; zodat zij bevoegd zijn alle ledenrechten uit te oefenen.

 Artikel 11 : Bestuur

  1. Het bestuur bestaat uit een oneven door de algemene vergadering vast te stellen aantal van tenminste vijf personen, die door de algemene vergadering worden benoemd.
  2. De benoeming van de bestuursleden geschiedt uit één of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 3. Tot het opmaken van een dergelijke voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tenminste een zodanig aantal leden dat bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld. Een voordracht door de hiervoor bedoelde groep van leden moet uiterlijk vijf dagen vóór de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur zijn ingediend.
  3. Aan elke voordracht kan het bindende karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering.
  4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in de keus.
  5. Indien er meer dan één bindende voordacht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

Artikel 12 : Einde bestuurslidmaatschap – periodiek lidmaatschap – schorsing

  1. Elk bestuurslid kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk twee jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar; wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  3. Het bestuurslidmaatschap eindigt:
    1. Door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;
    2. Door bedanken.

 Artikel 13 : Bestuursfuncties – Besluitvorming bestuur

  1. De voorzitter wordt door de algemene vergadering in functie gekozen. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. Het bestuur kan voor voorzitter, secretaris en penningmeester uit zijn midden een plaatsvervanger aanwijzen. Één bestuurslid kan meer dan één functie bekleden.
  2. Het behandelde in alle bestuursvergaderingen wordt door de secretaris genotuleerd. De notulen worden door het bestuur vastgesteld en ten blijke daarvan worden deze ondertekend door de voorzitter en de secretaris. In afwijking van hetgeen de wet dienaangaande bepaald is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit niet  beslissend.

 Artikel 14 : Bestuurstaak – Vertegenwoordiging

  1. Behoudens de beperkingen in de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden de vijf is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het bestuur is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
  3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies, die door het bestuur worden benoemd.
  4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.

Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.

  1. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten over:
    1. Het aangaan van overeenkomsten waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
    2. Het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet.

Op het ontbreken van de goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.

  1. Onverminderd het in de laatste volzin lid 4 bepaalde, wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter, de secretaris of de penningmeester steeds tezamen met een ander bestuurslid.

 Artikel 15 : Jaarverslag-rekening en verantwoording

  1. Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekening te houden dat daaruit te allen tijden haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. Het bestuur brengt op de algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlening van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het vorige verenigingsjaar gevoerde beleid en beheer.
  4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de stemgerechtigde leden een commissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
  5. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage in boeken en bescheiden te geven.
  6. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van andere leden in de commissie.
  7. Het bestuur is verplicht de bescheiden, bedoeld in de Art. 15 lid 2 en 3, tien jaren te bewaren.

 Artikel 16 : Algemene vergaderingen

  1. Aan de algemene vergadering komen alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks, binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering –de jaarvergadering- gehouden. In deze vergadering komen onder meer aan de orde:
    1. Het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 15 met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;
    2. De benoeming van de in artikel 15 bedoelde commissie voor het lopende verenigingsjaar;
    3. De benoeming van bestuursleden;
    4. Voorstellen van bestuur of leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
    5. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
    6. Voorts is het bestuur, op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden, bevoegd tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering binnen een termijn van vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg is gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan. Dit door het plaatsen van een advertentie in veel gelezen dagblad en door mededeling [indien mogelijk] op een in het clubgebouw aanwezige mededelingenbord.

Artikel 17 : Toegang en stemrecht

  1. Toegang tot de algemene vergaderingen hebben alle leden, ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers van de vereniging. Met uitzondering van vergaderingen genoemd in artikel 6 lid 6, hebben geschorste leden en geschorste bestuursleden geen toegang.
  2. Over toelating van anderen dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.
  3. Buitengewone leden en begunstigers hebben het recht tijdens de algemene vergaderingen het woord te voeren, tenzij de algemene vergadering anders beslist.
  4. Ieder lid dat niet is geschorst heeft één stem.
  5. Een lid kan zijn stem door een daartoe schriftelijk gemachtigd, ander lid laten uitbrengen. Een gemachtigde kan niet meer dan drie leden vertegenwoordigen.

 Artikel 18 : Voorzitterschap en notulen

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbrengen de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt één der andere bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op. Kan op deze wijze niet in het voorzitterschap worden voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf.
  2. Van het behandelde in alle vergaderingen maakt de secretaris of een ander, door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen. Deze worden in de eerstvolgende vergadering vastgesteld en door de voorzitter en de notulist ondertekend.

 Artikel 19 : Besluitvorming van de algemene vergadering

  1. Het op de algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter, dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Dit geldt ook voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
  2. Indien, onmiddellijk na het uitspreken van het in de eerste lid bedoelde oordeel de juistheid daarvan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats. Dit wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien deze stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde een stemgerechtigde aanwezige, dit verlangt.

Deze nieuwe stemming doet de rechtsgevolgen van de eerdere stemming vervallen.

  1. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  2. Blanco en ongeldige stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  3. Indien bij een stemming over personen iemand de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het grootste en het op één na grootste aantal der uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is degene gekozen, die bij de tweede stemming de meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken beslist het lot.
  4. Indien stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het voorstel verworpen.
  5. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.

 Artikel 20 : Bijeenroeping algemene vergaderingen

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers volgens het ledenregister bedoelt in artikel 4.

De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste veertien dagen.

  1. In de oproeping moeten de te behandelen onderwerpen worden vermeld; onverminderd het bepaalde in artikel 21.

 Artikel 21 : Statutenwijziging

  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht, anders dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijzigingen van de statuten zal worden voorgesteld.
  2. Degenen, die de oproeping voor de algemene vergadering, waarin behandeling van een voorstel tot statutenwijziging, hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen voor de dag van de vergadering een afschrift van dat voorstel met de woordelijk opgenomen voorgestelde statutenwijziging, ten huize van de secretaris voor de leden ter inzage leggen; dit tot het einde van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien moet een afschrift, als hiervoor bedoeld, bij de oproep voor de betreffende vergadering alle stemgerechtigde leden worden toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste drie/vierde gedeelte van de uitgebrachte stemmen. In deze vergadering moet tenminste drie/vierde gedeelde van de stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  4. Indien niet tenminste drie/vierde gedeelte van het aantal stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd is, dan wordt binnen vier weken een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden. In deze vergadering kan over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, een besluit worden genomen; mits dit geschiedt met een meerderheid van tenminste drie/vierde gedeelte van de uitgebrachte stemmen.
  5. Een statutenwijziging treedt niet eerder in werking dan, nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Alle bestuursleden zijn bevoegd tot het doen verlijden van de akte.

Artikel 22 : Ontbinding

De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2, 3 en 4 van het vorige artikel is van overeenkomstige toepassing.

  1. Het batig saldo, na vereffening, zal worden bestemd voor door de algemene vergadering te bepalen doelen, zoveel mogelijk in overeenstemming met het doel van de vereniging, tenzij de algemene vergadering bij het besluit tot ontbinding anders beslist. Dit alles met inachtneming van hetgeen bij wet is bepaald.

 Artikel 23 : Huishoudelijk reglement

  1. De algemene vergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels stellen omtrent alle onderwerpen, waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, en ook niet met de statuten.

 Artikel 24 : Slotbepaling

Het bestuur van de vereniging kan in naam van de leden verplichtingen aangaan, voor zover die verplichtingen voortvloeien uit een lidmaatschap van het Watersport Verbond;

Tot 2004 het Koninklijk Nederlands Watersport Verband (K.N.W.V.)